In het noordelijkste puntje van Limburg liggen De Maasduinen. Ingeklemd tussen rivier de Maas en de Duitse grens. Het is glooiend lint van bossen, heidevelden en stuifzanden. Daartussen blinken tientallen vennen, groot en klein. Natuurliefhebbers zullen versteld staan van de rijkdom aan planten en dieren. Er wachten verrassend steile klimmetjes. Maar ook prachtige vergezichten.
Je zou het niet meteen denken, maar Limburg heeft duinen. Rivierduinen wel te verstaan. Met dank aan de rivier de Maas. Ze zijn goed te zien in het Bergerbos. Overal golft het landschap. En plots duikt er een flinke heuvel op. Het Bergerbos is deel van het Nationaal Park de Maasduinen. Vrijwel ononderbroken strekt deze groene gordel zich uit langs de Maas. Het is een bonte schakering van bossen, stuifzanden en heidevelden. Een dag is te kort om de Maasduinen te leren kennen.
Jaarlijkse gast
Bijzonder zijn de vele vennen. Ze hebben prachtige namen, zoals het Zevenboomsven en de Duuvelskuul. Vroeger lag er hoogveen. Wegzakken in dit moeras betekende een wisse dood. Bij de vennen wemelt het van de libellen en waterjuffers. In de schemering jagen de vleermuizen. In de herfst vliegen tientallen kraanvogels over de Maasduinen. Ze strijken soms neer op het Reindersmeer. Of op de moerassige velden rond het Heerenven, bij de buren van het Limburgs Landschap. De kraanvogel is heel zeldzaam in Nederland. Het nationaal park is dan ook trots op deze gasten.
Rustzoekers De Maasduinen nodigen uit tot lange fietstochten. In de zomer kan het flink druk zijn rond de campings en op de fietspaden. Maar wie de rust zoekt, zal die zeker vinden.