Een oeroud bos, pal naast het Centraal Station van Den Haag. De groene longen van een hectische stad vol glas en beton. Het Haagse Bos trekt jaarlijks meer dan twee miljoen bezoekers. Om een frisse neus te halen of even de hond uit te laten. Naar het werk fietsen of juist lekker luieren op een ligweide. Het is een beroemd bos, uit de tijd van de hoge hoed en de stijve boord. Op een van de vele wandelpaden langs vijvers uit de 19e eeuw verwacht je zo Koningin Wilhelmina tijdens haar dagelijkse rijtocht.
Door de variatie van zand en veen, nat en droog en licht en donker, kent het Haagse Bos een enorme platenrijkdom. Befaamd zijn de bloeiende stinsenplanten in het voorjaar. Tapijten zachtgetinte lentebloemen, die zich uitstrekken onder de kastanjes. Groepen blauwe boshyacinten en witte dekens van anemonen bedekken de bosgrond.
De wandelpaden onder de beuken en platanen brengen je terug in de tijd. Naar de vroege Middeleeuwen. Toen het Haagse Bos onderdeel was van een woud dat zich uitstrekte van Den Haag tot Alkmaar. Het huidige Binnenhof deed dienst als houten jachtslot van de Hollandse graven.
Verschillende gezichten
De bijzondere ligging midden in de hofstad, geeft het Haagse Bos veel verschillende gezichten. Koningin Beatrix woont er sinds 1980 in Huis Ten Bosch, een zogeheten lusthof dat stamt uit begin 18e eeuw. Even verderop is het Malieveld meer dan eens toneel van roemruchte demonstraties, Daviscup-tennis en Rolling
Stones-concerten. Met daarnaast de voor publiek afgesloten Koekamp. Waar edelherten, damherten en sika-herten grazen onder een eik van driehonderd jaar oud.