inleiding

  
86 ha.  
terug naar natuurkaart  

Hoenwaard, Wiessenbergse Kolk, Algemene Veen

regio: Noord- en West-Veluwe en de Gelderse Vallei
gemeente: Hattem
plaats: Hattem
verwervingsjaar: 1981
Korte kenschets

Afwisselend gebied met hoge droge zandige duinen met heide en jeneverbessen en lage, bij hoog water deels onder water lopende uiterwaard met plassen, wilgenstruwelen en graslanden.

Geo(morfo)logie

In het IJsseldal liggen tussen Hattem en Wapenfeld een aantal dekzandruggen uit de laatste ijstijd. De oorspronkelijk paraboolvormige duinen zijn door de rivier aangetast. Op enkele plaatsen is de rivier door de ruggen gebroken, met achterlating van een kolk, zoals bij het Kolkhuis in het Algemene Veen. Dit type kolken verschilt dus wezenlijk van andere kolken langs de rivier, die ontstonden na dijkdoorbraken. Deze kolken zijn daarom heel bijzonder. De Hoenwaard en de Wiessenbergse Kolk maken deel uit van een zeer gave uiterwaard, met daarin een oeverwal met kom. Het is een van de weinige uiterwaarden waarin komkleigronden voorkomen. Op de oeverwal, langs de IJssel, ligt de Hoenwaardse weg met boerderijen erlangs. De kom ligt tussen deze weg en de dijk of de hogere zandgronden. In de uiterwaard ligt een systeem van richels en droge geulen, oude beddingen en kolken, ontstaan na dijkdoorbraken.

Historische geografie

Vanaf de Karolingische tijd werd de IJsselvallei permanent bewoond. Eerst op de zandruggen langs de stuwwal. Vanaf ongeveer de 11de eeuw werden ook de stroomruggen langs de IJssel bewoond. De tussengelegen broekgronden werden in die tijd nog nauwelijks gebruikt, hooguit voor het weiden van vee. Het gebruik van de Hoenwaard als weidegrond werd in 1401 officieel bevestigd door de hertog van Gelre. Pas in de 20ste eeuw werden de laatste broekgronden van Hattem ontgonnen. Het Algemene veen is daar een restant van. Tot de bekribbing van de IJssel in de 18de eeuw kon deze zich vrij verplaatsen. Op deze plek meanderde hij niet, maar verplaatste zich door parallel aan elkaar liggende geulen. Tussen de geulen lagen zandplaten die het oversteken van de rivier vergemakkelijkten. In 1415 kreeg Hattem dijkrechten. Er werd voor gekozen een kade om het Veen te leggen en niet om de hele Hoenwaard. Waarschijnlijk had men meer gemak van de periodieke overstromingen (vruchtbare klei) dan last. Aan het eind van de 14de eeuw werd begonnen met het graven van afwateringen ten behoeve van de ontginning van de natte gronden tussen de Veluwe en de IJssel. De afwateringen lopen net als de IJssel Zuid-noord, waarschijnlijk door inmiddels verlandde oude rivierlopen. De in de Hoenwaard gelegen Hezenberg wordt voor het eerst genoemd in 1547. In dat jaar bouwt Johan van der Padevoirt, schepen van Hattem, zonder toestemming een huis op grond die gezamelijk in gebruik was bij de burgers van Hattem.

Landschap

Door de invloed van ijs, wind en water is een afwisselend landschap ontstaan, waar de mens vervolgens zijn stempel op heeft gedrukt. Vanaf de dijken in het gebied heb je een fantastisch uitzicht over de Hoenwaard en de Wiessenbergse Kolk. Bij hoog water staat het gebied grotendeels onder water. Soms steken alleen de oeverwal en de Hezenberg er bovenuit. Het achter de dijk gelegen Algemene Veen is op een kleinere schaal even afwisselend: hoge droge heide met grillige jeneverbessen versus de laaggelegen kolken.

Verwervings geschiedenis

Het Algemene Veen is in 2000 voor een symbolisch bedrag van de gemeente Hattem gekocht.

Flora

De meest bijzondere vegetatie in het gebied is het jeneverbesstruweel in het Algemene Veen. Jeneverbesstruwelen zijn zeldzaam in Nederland. Andere bijzondere soorten in het Algemene Veen zijn borstelgras en wateraardbei. Op de Hezenberg komt een waardevol schraal graslandtype voor met typische stroomdalsoorten als echte kruisdistel, echt walstro en sikkelklaver. Ook komen hier kleine bevernel en slangelook voor. De Wiessenbergse Kolk is nog volop in ontwikkeling, maar herbergt al een aantal bijzondere soorten, zoals holpijp, naaldwaterbies, schildereprijs, waterkruiskruid en zwanebloem. Ook werden gesteeld glaskroos en klein sterrekroos aangetroffen. Gesteeld glaskroos was in 1962 voor het laatst op de Veluwe aangetroffen.

Fauna

Het gebied is afwisselend en daardoor rijk aan diersoorten. In de Wiessenbergse kolk komen onder andere de kleine modderkruiper en de kleine watersalamander voor, die beiden beschermd zijn. In de winter is de Hoenwaard een belangrijke pleisterplaats voor de kleine zwaan, een soort die buiten Nederland bijna niet voorkomt. In het verleden kwam in dit gebied de uiterst zeldzame knoflookpad voor, deze is echter al een tijdje niet meer gezien. De Wiessenbergse Kolk is een paradijs voor (water)vogels. Enkele van de meest zeldzame zijn roerdomp, aalscholver, ooievaar, blauwe kiekendief, kwartelkoning, zomertaling, kleine zwaan, ijsvogel en visdiefje. Ook de kluut komt in grote hoeveelheden voor.

Visie/ toekomstbeeld

Bij het beheer voorop de variatie in terreintypen te behouden. Daartoe worden onder andere Brandrode koeien ingezet. Op een regionale schaal is de overgang van de hooggelegen droge en voedselarme Veluwe naar de laaggelegen natte voedselrijke uiterwaarden van de IJssel voor veel planten en dieren van belang. Er wordt daarom gewerkt aan het verbeteren van die verbinding, zodat bijvoorbeeld edelherten en andere dieren weer van de Veluwe naar de uiterwaarden kunnen trekken.


Voor meer informatie over Geldersch Landschap: www.mooigelderland.nl