inleiding

  
115 ha.  
Vrij toegankelijk  
Honden niet toegestaan  
terug naar natuurkaart  

Takkenhoogte

Het reservaat Takkenhoogte-Meeuwenveen, 5 km ten zuiden van Zuidwolde, bestaat uit een gevarieerd bosgebied met enige heide en vrij veel cultuurgrond, gelegen op een markante dekzandopduiking, even buiten het beekdal van de Reest. Het reservaat vormt een verbindende schakel tussen het Reestdal en het bosrijke gebied op de stuwwal van Zuidwolde. Ten noordoosten van Takkenhoogte ligt het heidereservaat Nolderveld, dat eveneens in beheer is bij 'Het Drentse Landschap'. Het Meeuwenveen en Takkenhoogte zijn van elkaar gescheiden door een gegraven waterloop. Langs deze loop en naast het Meeuwenveen vindt sinds 1995 op kleine schaal natuurontwikkeling plaats op enkele voormalige akkers.
Geschiedenis

Takkenhoogte-Meeuwenveen is te beschouwen als een restant van een uitgestrekt heide- en veengebied waar de Reest als veenbeek doorheen kronkelde. De Takkenhoogte vormt een met eikenbos begroeide verhoging in het landschap. Het Meeuwenveen bestaat daarentegen juist uit een laagte, met daar omheen een gedeeltelijk onderbroken ringwal. Het Meeuwenveen dankt zijn naam aan de grote kokmeeuwenkolonie die hier vroeger aanwezig was. De samenstelling van de ondergrond van Takkenhoogte wijst er op dat hier sprake is van een rivierduin. Dit duin is ontstaan in de warmere periode voor de laatste IJstijd.

De naam Takkenhoogte is waarschijnlijk te danken aan de familie Takken, die in dit gebied ooit veel bezittingen had.
Volgens onbewezen streekverhalen is Takkenhoogte nooit in landbouwgrond omgezet, omdat hier in het verleden veel vee begraven is dat ten prooi viel aan de miltvuurziekte.
Takkenhoogte werd in 1970 aangekocht door 'Het Drentse Landschap'. Het Meeuwenveen is op basis van erfpacht van Staatsbosbeheer overgenomen.

Plantenwereld

Het bos op Takkenhoogte bestond uit, in deze eeuw aangeplant, naaldbos, afgewisseld met enkele kleine oppervlakten Eiken-berkenbos. Grote delen van het naaldbos gingen bij de herfststormen van 1972 tegen de vlakte. Deze stormvlaktes zijn herbebost met loofbomen, voornamelijk Eik en Beuk. Het is een relatief jong bos. De specifieke bosplanten van een goed ontwikkeld oud bos ontbreken dan ook nog. De ondergroei bestaat uit de grassen Gladde witbol, Pijpestrootje en Bochtige smele, afgewisseld met Braam, Framboos, Smalle stekelvaren en het ijle groen van Rankende helmbloem. Plaatselijk komen verder nog Brede stekelvaren, Eikvaren en Mannetjesvaren voor. De struiklaag bestaat hoofdzakelijk uit Lijsterbes.

De vennen van het Meeuwenveen worden omgeven door een brede moeraszone, waarvan de begroeiing voornamelijk uit Liesgras bestaat waartussen de 'sigaren' van de Grote lisdodde goed opvallen. Op enkele plaatsen is een venige vegetatie aan te treffen met verschillende soorten veenmos en zonnedauw.

Dierenleven

Het gebied Takkenhoogte-Meeuwenveen maakt deel uit van het leefgebied van de Zuid-Drentse dassenpopulatie.
Door de afwisseling van bospartijen, graslanden en waterpartijen is het gebied aantrekkelijk voor verschillende soorten vleermuizen. Op Takkenhoogte is de Wielewaal één van de vele broedvogelsoorten. De vennen van het Meeuwenveen worden bewoond door Groene en Bruine kikkers en Kleine Watersalamanders. Regelmatig broeden hier Knobbelzwanen, Wintertalingen, Dodaarzen, Wilde eenden, Rietgorzen en Kleine karekieten.

Beheer

In 1987 werden hier, voor het eerst in de geschiedenis van de Stichting, als beheersmaatregel bomen omver getrokken. In de eikenbeplantingen werd op deze manier een meer gevarieerde bosopbouw verkregen. 

Behalve het heidegebied Meeuwenveen wordt sinds enkele jaren ook het bosgebied Takkenhoogte met runderen begraasd. Hierdoor wordt voorkomen dat er een saai tapijt van gras ontstaat, waardoor er meer kansen zijn voor een afwisselend plantenleven. Het menselijk handelen wordt bij het beheer van dit bos tot een minimum beperkt.

Tussen de  afzonderlijke delen van de keten van reservaten waartoe Takkenhoogte en Meeuwenveen behoren, zijn voorzieningen aangelegd om een veilige doortocht van Dassen en andere dieren mogelijk te maken. Hiervoor zijn onder de verharde wegen tunnels aangelegd, terwijl over de waterloop tussen Takkenhoogte en Meeuwenveen een oversteek is gemaakt, waarvan eveneens veel dieren gebruik maken. Langs deze waterloop vindt natuurontwikkeling plaats. Vroeger werd hier mais verbouwd; later werd dit deel van het huidige reservaat gebruikt voor ontgronding. Nu zijn er natte laagten en slenken gegraven, waardoor als het ware op het raakvlak van land en water nieuwe natte natuur is 'geboetseerd'. De nieuwe ondiepe watertjes zijn goede kraamkamers voor vissen. Geleidelijke overgangen tussen nat en droog zijn aantrekkelijk voor allerlei langbenig gevogelte. Naar verwachting zullen ook zeldzame moerasplanten profiteren van dit opnieuw vormgegeven gebied.   

Toegankelijkheid

Het gebied is te bereiken vanaf de Nieuwe Dijk, de verharde weg langs de noorzijde van de Reest. Het bosgebied Takkenhoogte is via de paden toegankelijk voor wandelaars. Door het Meeuwenveen kan men wandelen via een smal paadje vanaf de Nieuwe Dijk en vervolgens via een smal zandpaadje dat grotendeels over de ringwal loopt. Wanneer het natuurontwikkelingsproject is voltooid, zal in het gebied een wandelroute worden uitgezet. Honden zijn niet toegestaan, ook niet aan de lijn.


Voor meer informatie over Het Drentse Landschap: www.drentslandschap.nl