Geschiedenis
Het Bongeveen is één van de overgebleven restanten van het eertijds uitgestrekte Bunnerveen tussen Peize en Donderen. Mede op aandringen van een aantal boeren uit de omgeving is het Bongeveen bij de laatste grote veenontginning van Drenthe in de beginjaren '60 gespaard gebleven. De plannen om de markante oostelijke ringwal af te graven en te gebruiken voor de bezanding van de nabijgelegen madelanden lagen al klaar.
Het reservaat bestaat in feite uit een ten dele vergraven hoogveentje, gelegen in een zogeheten pingo-ruine. Een pingo dankt zijn ontstaan aan het smelten van een ijsheuvel in de laatste IJstijd, toen het gebied nog bestond uit een toendra op een permanent bevroren ondergrond. Uit de aardlaag die deze ijsheuvel bedekte, is tijdens het smeltproces de nu nog herkenbere ringwal ontstaan.
Plantenwereld
In het noordelijke veentje komen plantensoorten voor die men eigenlijk niet zo snel verwacht in een voormalig hoogveentje.
Hiertoe behoren onder meer Grote lisdodde, Wolfspoot en Pitrus. Het voorkomen hiervan is te danken aan de bemestende invloed van de kokmeeuwenkolonie die hier zit. Gagel komt op meerdere plaatsen in het reservaat als forse struiken voor. Rond de veentjes komen plaatselijk fraaie dopheivegetaties voor met soorten als Kleine veenbes, Lavendelhei, Veenpluis, Eenarig wollegras en diverse soorten veenmos.
In de graslanden in en rond het terrein staan plantensoorten als Dotterbloem, Moerasvergeet-mij-nietje, Kattestaart en Holpijp.
Dierenleven
De veentjes zijn erg in trek als pleisterplaats bij veel soorten trekvogels, met name steltlopers en eenden. Het gebied biedt broedgelegenheid aan een bonte verzameling vogels, waaronder minder algemene soorten als Bosrietzanger, Grauwe vliegenvanger, Wielewaal en Grote lijster. In het reservaat komen Heikikker, Bruine kikker, Gewone pad en de Levendbarende hagedis voor. De Adder werd in het Bongeveen voor het laatst gezien in 1985. Het reservaat is voor deze soort wat aan de kleine kant. Verschillende soorten zoogdieren, waaronder Wezel, Bunzing en Dwergmuis komen hier voor.
Beheer
Het beheer is erop gericht om het voedselarme karakter van het Bongeveen en de hierbij behorende plantengroei in stand te houden. Veel zorg wordt besteed aan het herstel van een natuurlijke waterhuishouding. Hierbij worden ook de aangrenzende natte beekdalgraslanden langs de Grote Masloot betrokken. Deze graslanden worden door maaibeheer verschraald. Sinds 1992 is een deel van het Bongeveen ingerasterd en wordt het reservaat door schapen en rundvee begraasd.
Alle sloten tussen het Bongeveen en de Grote Masloot zijn ondertussen gedempt, waardoor het gebied veel natter is geworden. Er wordt toegewerkt naar een situatie waarbij het Bongeveen en de omringende gronden een aaneengesloten reservaat worden.
Toegankelijkheid
De bestaande oude zandweg door het reservaat, gelegen op de rug van de pingoruïne, is voor wandelaars opengesteld. De gemarkeerde route biedt een goed overzicht over zowel het veentje als het dal van de Grote Masloot. Het gebied is niet opengesteld voor honden. Het Bongeveen wordt doorsneden door De Scheperijen, de eerste zijweg naar rechts op de weg van Donderen naar Norg.