inleiding
 kaart

  
180 ha.  
Gedeeltelijk toegankelijk  
Excursies  
terug naar natuurkaart  

Polder Koarnwert en Makkumersudmar, Warkumermar, Muntsebuorsterpolder en Buismans einekoai Piaam

Karakteristieken

Graslanden, stukjes dijksvaart en een eendenkooi.

Ligging

Warkumermar gemeenten Nijefurd en Wūnseradiel, bij Warkum; Mūntsjebuorsterpolder gemeente Nijefurd, bij Oudegaster Brekken; Polder Koarnwert, Aeltsjemar en Makkumermarpolder gemeente Wūnseradiel, respectievelijk bij Koarnwert, Ferwālde en Allingawier; Buismanskoai Piaam gemeente Wūnseradiel bij Piaam; verschillende percelen aan de vaart die langs de IJsselmeerdijk loopt, bij Piaam, Westergo, Gaast en Doniabuorren.

Toegankelijkheid

De meeste terreinen zijn niet goed toegankelijk, de eendenkooi Piaam is te bezichtigen op aanvraag bij It Fryske Gea.

Geschiedenis

De Warkumermar zal in de tweede helft van de 13e eeuw zijn ontstaan, toen de zee grote stukken veen in de zuidwesthoek van Friesland wegspoelde. Waarschijnlijk is later door veenafgraving en afslag de ontstane open water vergroot. Pas in 1877-1878 werd het meer, met aangrenzend de Grote en Kleine Kolk, drooggemalen. De eerste bemaling was waarschijnlijk geen groot succes, want al in 1902 werd een nieuw gemaal gebouwd aan de Indijk. Nadien is ook dit gemaal afgebroken en in het kader van de ruilverkaveling vervangen door een modern gemaal. Dwars door de droogmakerij loopt de Breewarsdyk, waaraan enkele boerderijen liggen. Binnen de ruilverkaveling Wūnseradiel Sśd werd de Warkumermarpolder aangewezen voor reservaatvorming. In 1985 kwam It Fryske Gea met een voorstel voor het te voeren overgangsbeheer. Inmiddels zijn al grote delen van de polder door It Fryske Gea in eigendom verworven.
Ook in de Koarnwerterpolder (kleiweidegebied) tussen Koarnwert en Wūns werden in ruilverkavelingsverband diverse percelen langs de Cornjumervaart aangekocht.
De Buismanskoai te Piaam is in 1963 in eigendom gekomen van It Fryske Gea door legatering van de heer H. Buisman. Voordat de Zuiderzee werd afgesloten, werden in deze kooi zeer veel vogels gevangen. Tijdelijk zijn er ook vogels gevangen ten behoeve van ringonderzoek. De kooi bij Piaam is van het Overijsselse type, met gebogen pijpen, omdat deze en andere kooien bij Piaam door Overijsselse kooikers zijn aangelegd.

Wilde eenden. Bron: It Fryske Gea

Weidevogels, rietperceeltjes en een eendenkooi

De terreinen in de Warkumermar, Polder Koarnwert, Aeltsjemar en Mūntsebuorsterpolder zijn vooral van betekenis voor weidevogels (fūgeltsjelān). In alle gebieden komen Scholekster, Kievit maar ook in behoorlijke aantallen Grutto, Tureluur en Veldleeuwerik als broedvogel voor. Deze vogels profiteren van de bloemrijke graslanden met boterbloemen, pinksterbloemen en Veldzuring. In de Warkumermar broeden daarnaast diverse eend-achtigen, zoals Slobeend, Krakeend, Zomertaling, Kuifeend en Wilde eend, die allen graag gebruik maken van de met waterplanten begroeide slootjes. In de slootjes valt de Lidsteng op, die op enigszins brakke omstandigheden wijst. Ook in het winterseizoen, als sommige delen in de Warkumermar plas-dras staan, verblijven er veel vogels. Goudplevier, Kemphaan en Wulp vertoeven er graag, soms in grote aantallen, maar ook ganzen, zwanen en eenden zijn er te vinden. Dit geldt ook voor de polder Koarnwert. Daar bieden de voor de aardewerkindustrie 'afgetichelde' percelen een zeer waardevolle vegetatie. Op deze plaatsen zijn nog duidelijk zilte invloeden aanwezig, wat blijkt uit de aanwezigheid van Engels gras, Zeekraal en Schorrekruid. De eendenkooi bij Piaam biedt een goede broedgelegenheid in de oudere, opgaande bomen. Buizerd en Ransuil broeden er, in sommige jaren de Boomvalk en in 1998 bijvoorbeeld een Wielewaal. Soms wordt ook de Buidelmees hier broedend aangetroffen. Een roekenkolonie is in 1995 verstoord en sindsdien vertrokken. Dat is jammer, want bijvoorbeeld de Boomvalk broedt vaak in de buurt van roekenkolonies. De stukjes Dijksvaart zijn op zichzelf maar klein en hebben geen bijzondere natuurwaarde. Wel broeden hier soorten als Meerkoet, Wilde eend en Kleine karekiet. In het begin van de jaren tachtig stond het dijkvak bij Gaast en Doniaburen bekend om het rijke voorkomen van Draadklaver. Helaas is deze belangwekkende soort hier door overbemesting helemaal verdwenen. Grassen als Kamgras en Kruipertje zijn er voor in de plaats gekomen.
Een wandeling over het gedeelte van de IJsselmeerdijken bij de Warkumerwaard levert in elk jaargetijde wel iets boeiends op en biedt prachtige uitzichten over het weidse landschap aan weerskanten van de dijk. Tussen de basaltblokken groeien Haagwinde en Akkerwinde, die de dijkvoet een fleurig aanzien geven. Ook Moerasandoorn, Vlasbekje en Muurpeper zorgen voor kleur op het donkere basalt.

Moerasandoorn. Bron: It Fryske Gea

Beheer

Het beheer dat It Fryske Gea voert in de graslanden van dit object, is er vooral op gericht de waarde als 'fugeltsjelān' te behouden en te versterken. Dat gebeurt door een aangepast maaibeheer en plaatselijke bemesting met ruwe stalmest. In de perceeltjes aan de Dijksvaart wordt jaarlijks riet gesneden. De Buismans eendenkoai bij Piaam moet voor het behoud van het Recht van Afpaling vangklaar worden gehouden. Dat wordt onder andere gedaan door vrijwilligers.

  


Voor meer informatie over It Fryske Gea: www.fryskegea.nl