Bijzonderheden
De Landweer is het eerste bezit van It Fryske Gea. In Friesland de enige vindplaats van Slangewortel (Bakkefeansterdunen). Vele soorten bijzondere broedvogels van oud, opgaand loofbos en gemengd bos, zoals Groene specht en Boomklever. Archeologische vondsten uit de Hamburgcultuur (13.000 - 10.500 v. Chr.) en grafheuvels uit het Neolithicum (2.000 - 1.500 v. Chr.).

Ligging
Gemeente Opsterland, bij Bakkeveen.
Toegankelijkheid
Vrij toegankelijk langs wegen en (fiets)paden en op de zandvlakte.
Informatie
Informatiepanelen bij de Bakkefeansterdunen (ingang Dúndelle) en de Heide fan Allardseach (ingang ter hoogte van de Drie Provinciën).
Geschiedenis
Door de Heide fan Allardseach liepen van oudsher paden richting Drenthe. Door het eeuwenlange gebruik zijn deze paden langzamerhand tot aan de leemlaag uitgestoven, waardoor ze nu herkenbaar zijn als holle wegen door de heide. Dat menselijke bewoning op de heide teruggaat tot ver in het verleden, blijkt uit enkele grafheuvels uit de nieuwe steentijd.
De Harmsdobbe is een pingo-ruïne, een nog oudere herinnering aan de laatste ijstijd.
In 1930 kwam de Landweer als eerste gebied in eigendom van It Fryske Gea. Het historische monument is een schenking van de eigenaar, Jarich van der Wielen. De ligging van de Landweer, een oude verdedigingswal op een zandrug tussen hoge venen, duidt er op dat deze ooit - zoals al uit de naam is af te leiden - van groot strategisch belang is geweest. De oorspronkelijke wal is, zo wordt verondersteld, al in de 15e eeuw opgeworpen en het is zeker dat hij zich ver naar het noorden uitstrekte. Een groot deel van de Landweer lag in heideterrein dat later helaas ontgonnen is. Het resterende gedeelte is nog ongeveer een kilometer lang en vormt een fraai lijnvormig element in het landschap.
Bakkefeansterdunen
De Bakkefeansterdunen bestaan eigenlijk voor het grootste deel uit een uitgestoven vlakte met daaromheen (eikenhakhout)bos. Dit bos, waarin onder andere Gewone salomonszegel voorkomt, is deels spontaan ontstaan en deels aangelegd. Gelukkig neemt de begroeiing van de zandvlakte weer toe, mede door de daling van het aantal dagjesmensen dat het gebied komt bezoeken. Vooral de voor heide kenmerkende Trekrus breidt zich er plaatselijk uit. Langs de randen van de zandvlakten komt de voor stuifzanden karakteristieke pionierbegroeiing voor. In deze omgeving zijn veertien soorten Bekertjesmos gevonden, waaronder enkele bedreigde soorten. Andere planten die hier thuishoren zijn Zandzegge, Buntgras, Heidespurrie en Ruig haarmos.

Schotse Hooglanders. Bron: It Fryske Gea
Harmsdobbe
Heel bijzonder is de Harmsdobbe, een mooi gelegen pingo-ruïne uit de laatste ijstijd. In de dobbe komt de in Friesland zeldzame Slangewortel voor. Langs het matig voedselarme water van de dobbe groeien verder soorten als Waterdrieblad, Wateraardbei en Veenpluis. Snavelzegge vormt er een zeer brede rand. Opmerkelijk is de aanwezigheid van de Grote veenbes of cranberry.
In het water leven de larven van verschillende libellen, waaronder die van de Steenrode en de Bloedrode heidelibel. In de dobbe broedt ook de Dodaars. Op een voormalige ijsbaan, vlakbij de Harmsdobbe, komen zeldzame vegetatietypen van kleine pionierplanten voor. Waterpostelein en Oeverkruid groeien daar op de droogvallende grond, terwijl op de zandige kantjes Grondster voorkomt.
Ald Bakkefean
Het bosgebied Ald Bakkefean is in beheer gegeven aan It Fryske Gea. Langs de fraaie rechte lanen staan hier en daar prachtige berken en verder Eik, Amerikaanse eik, Beuk en naaldbomen met mooie oude exemplaren van de Fijnspar en Douglasspar. De bosvakken hebben een gevarieerd karakter door diverse loof- en naaldbomen van verschillende leeftijd. Op de bosbodem groeit veel mos en daar is ook de Brede stekelvaren te vinden. Langs enkele sloten op het landgoed staan stevige exemplaren van het sierlijke Dubbelloof. Op bepaalde plaatsen handhaaft zich Struikheide.
In de bomen en struiken broeden vogels van oud bos, zoals de Boomklever, Glanskop, Appelvink en roofvogels, en op de bosbodem de Houtsnip. De Groene specht, Zwarte specht, Grote bonte specht en Kleine bonte specht hakken er nestholten in oude verzwakte bomen. Andere holten in oude bomen worden gebruikt door de Bosuil en de Gekraagde roodstaart. Boomvalk en Geelgors zijn daarentegen aan de overgangen naar het open terrein gebonden.

Mandefjild. Bron: It Fryske Gea
Heide fan Allardseach
Waar het stuifzand in het verleden is vastgelegd, groeit nu droge heide met veel Struikheide. Verder groeien er op droge schrale grazige plekken Tandjesgras, Pilzegge, Borstelgras, Liggend walstro en Schapegras. Vrijstaande exemplaren van Grove den en Berk geven de aanblik van het heidelandschap extra diepte. Daarnaast zijn ze voor de Boomleeuwerik van belang. De aan heide gebonden Levendbarende hagedis wordt hier nog tamelijk veel gezien. De Adder, die niet van drukte houdt, nog maar weinig.
Landweer
De Landweer is tegenwoordig geheel begroeid met loofhout, vooral fraaie berken. De ondergroei bestaat uit Brede stekelvaren en Rankende helmbloem. In het Boskje van Allardseach, aansluitend op de Landweer en de Heide fan Allardseach, ligt een ven waarin Gagel en Geoorde wilg fraaie struwelen vormen.
Paddestoelen
De omgeving van Bakkeveen staat bekend om zijn bijzondere rijkdom aan paddestoelen. Daarbij zijn gewone soorten aan te treffen zoals de Aardappelbovist, maar ook de Kostgangerboleet die op deze bovist parasiteert. Al vroeg in de zomer valt de Grote stinkzwam op, maar ook minder voorkomende soorten als Rupsendoder en Truffelknotszwam zijn er na goed zoeken te vinden. Ook veel kleinere soorten zoals de Kogelwerper en het Eierzakje zijn hier gevonden. Over het hele gebied, ook buiten de terreinen van It Fryske Gea, zijn meer dan 250 soorten paddestoelen aangetroffen.

Aardappelbovist. Bron: It Fryske Gea
Beheer
In het gebied Bakkefean is veel aan herinrichting gedaan. Zo is cultuurgrasland aangekocht dat aan het natuurgebied is toegevoegd, waarna de voedselrijke bovengrond werd afgegraven. Er is weer reliëf in de bodem aangebracht om nieuwe kansen te geven aan de vegetatie van vochtige heide en vennen. Op plaatsen waar binnen dit natuurbouwproject heidemaaisel is opgebracht, zijn de heidesoorten al weer teruggekomen. De vroegere vennen zijn weer zoveel mogelijk hersteld.
Een goed voorbeeld van de herinrichting vormt de Heide fan Allardseach, waar beheersmaatregelen worden toegepast om het voedselarme milieu te behouden en waar nodig weer terug te krijgen. Daarvoor moeten grote delen worden vrijgemaakt van bosopslag, terwijl op andere delen geplagd of gemaaid moet worden. De begrazing met Drentse heideschapen is een effectieve maatregel gebleken. Tegenwoordig draagt de Heide fan Allarseach dan ook weer het karakter van heideschraalland.
It Fryske Gea heeft hier een veekraal aangelegd om zo nodig de aanwezige grazers - Drentse heideschapen, Exmoorponys en Schotse hooglanders - te kunnen vangen.