

Van populier tot fijnspar, van bij tot spin
In het Larserbos is variatie het sleutelwoord. Variatie zowel in beplanting als in diersoorten. Twee wandelingen met een lengte van respectievelijk 7 en 5 kilometer brengen de wandelaar naar de mooiste plekjes van het bos. Hij wordt ondertussen vergezeld van het gezang van kool- en pimpelmezen, Vlaamse gaaien, wielewalen, zanglijsters en merels. Uitrusten kan onderweg prima op een van de strandjes of de vele bankjes.